Sint-Olaf van Noorwegen werd in 1164 door paus Alexander III heilig verklaard. Dat is 134 jaar na zijn overlijden in de slag om Stiklestad, waar vandaag de dag een herdenkingscentrum te vinden is.
Wat daaraan voorafgaat, is het verhaal van een opportunistische Vikingleider die grote faam verwierf en zich na een reeks succesvolle veldslagen in Engeland en Normandië tot het christendom bekeerde. Dit wordt duidelijk toegelicht in het boek “Wolventijd. De strijd om een Vikingrijk aan de Noordzee“, van Tore Skeie. We weten ook veel over Olaf door de middeleeuwse sagaschrijver Snorri Sturluson. In het werk Heimskringla wordt het leven van Olaf met veel aandacht beschreven.
Coverfoto: Cathrine Glette – Pilegrimsleden, kerk ter ere van Sint-Olaf in Avaldsnes.
Koning Olaf II van Noorwegen
Sint-Olaf van Noorwegen, ook bekend als Olaf Haraldsson, werd rond 995 geboren als zoon van Harald Grenske. Dat was een lokale Vikingkoning in Vestfold, wat tegenwoordig een officiële provincie van Noorwegen is. Olaf en zijn vader waren onderdanen van de Deense koningen. In hun tijd waren dat Harald Blauwtand en later Svein Vorkbaard.
Op jonge leeftijd al begon Olaf aan Vikingexpedities. Hij nam overal deel aan plunderingen en liet zich inhuren voor militaire conflicten, van de Baltische regio tot aan het Kalifaat van Cordoba. Olafs ster rees vanaf het moment dat hij meeging met de bijna jaarlijkse plunderingen van Vorkbaard in Engeland. Dit moet de deelnemende Vikingleiders enorme winsten hebben opgeleverd, zo ook Olaf.
We weten dankzij verhalen van een skald en de interpretaties van IJslands sagaschrijver Snorri Sturluson dat Olaf bij de belegering van Londen in 1009 was. Deze mislukte, maar we weten wel dat Olaf vermoedelijk als tiener voorop in de strijd ging en zich aan man-tegen-mangevechten waagde. Het was in die tijd gewoonlijk voor een Vikingleider om zijn mannen het goede voorbeeld te geven. Hij werd omringd door de beste en loyaalste krijgers.
Normandië en het Iberisch schiereiland
Engeland zou nog decennia met Vikinggeweld te maken krijgen. Olaf zelf had andere plannen. Hij duikt in 1012 op aan het Normandische hof van Richard II. De Normandische hertogen onderhielden nauwe banden met de Vikingen en stamden zelf af van Vikingleider Rollo. Vermoedelijk was Richard het achterkleinkind van Rollo. Olaf laat zich samen met Vikingleider Lacman inhuren en werd door Richard groots beloond.
In het Normandische Rouen bekeert Olaf zich in 1013 tot het christendom, niet wetende dat hij het nog zou schoppen tot Sint-Olaf. Het is lastig te zeggen wat op dat moment Olafs motieven waren om christen te worden. Voor de diplomatieke contacten en het toekomstig koningschap van Noorwegen was het ongetwijfeld een slimme zet.
In de jaren die volgen vaart Olaf via Galicië en het huidige Portugal naar het Kalifaat van Cordoba. Behalve de plunderingen die plaatsvonden blijft het gissen naar waarom Olaf zuidwaarts voer. Historici vermoeden dat Olaf in Engeland en Normandië veel gevangenen had gemaakt en dat hij deze op de beroemde slavenmarkten van Andalusië wilde verkopen (Skeie, 2024).
Het Noorse koningschap
In 1014 overleed Deens koning Svein Vorkbaard op weg naar het Engelse York, of zoals de Vikingen het noemden: Jorvik. Zijn zoon, Knoet de Grote, zou het overnemen en wist uiteindelijk de macht te grijpen in Engeland. Hij was koning van Engeland en Denemarken en zonder twijfel de machtigste Vikingheerser van zijn tijd. Olaf keerde in 1015 terug naar Noorwegen met de ambitie om zichzelf als koning te vestigen en het christendom te verspreiden.
Hij werd koning na het verslaan van een aantal lokale heersers en verenigde daarmee grote delen van Noorwegen. Hoewel Olaf bij geboorte onderdaan van de Deense koningen was, heeft het innemen van de Noorse troon vermoedelijk zonder goed overleg tussen Olaf en Knoet de Grote plaatsgevonden.
Olaf weet zijn Noorse koningschap een aantal jaar vol te houden. Vermoedelijk had Knoet de Grote zijn handen elders vol, waardoor hij Olaf gedoogde. Wanneer Olaf de steun van lokale adel verliest, weet Knoet zijn kans schoon. In het jaar 1025 eist Knoet dat Olaf zich aan hem onderwerpt. Olaf wacht niet op Knoet en valt brutaal Denemarken aan. De confrontatie tussen beiden duurt ongeveer twee jaar en wordt uiteindelijk op zee beslist.
Knoet weet te winnen door de zeestraat de Sont te blokkeren en Olaf af te sluiten van goede bevoorrading. Olaf ziet geen andere mogelijkheid dan zijn leger te ontbinden. Zijn manschappen keren over land naar Noorwegen terug. Dit werd een winterse ontbering met vele doden. Olaf zelf vluchtte naar zijn zwager Jaroslav in Novgorod.
De Slag bij Stiklestad
In 1030 keerde Olaf terug naar Noorwegen met een leger, gesteund door de Zweden. Dit leidde in de buurt van Trondheim tot de Slag bij Stiklestad op 29 juli 1030. Hier trof Olaf lokale heersers die niet op hem zaten te wachten. De latere Sint-Olaf sneuvelde en zou niet voor de tweede maal koning van Noorwegen worden. Olafs aanwezige halfbroer Harald ‘Hardrada’ Sigurdsson overleefde de slag en werd een invloedrijk leider binnen de Varangiaanse garde. Dit was een beroemde militaire elite-eenheid en lijfwacht van de Byzantijnse keizer. Harald keerde zestien jaar later terug naar Noorwegen om alsnog de Noorse kroon terug in de familie te brengen.
De heiligverklaring en vandaag de dag
Bisschop Grimkell pleitte al snel voor heiligverklaring van Olaf. Paus Alexander III nam dit in 1164 over. Of Sint-Olaf als koning van Noorwegen echt een heilige waardig was, valt te bezien. Olaf had het bisdom van Trondheim gesticht en Grimkell zelf benoemd. De later opgeschreven sagen beschrijven hoe Sint-Olaf met fanatisme door Noorwegen reisde en het oude geloof bruut uitbande. Toch wijzen de werken van Olafs skalden helemaal niet op sterke religieuze motieven. Strijd, oorlog en zeereizen waren voornamelijk thema’s waarover zij schreven (Skeie 2024).
Hoe dan ook, Olafs heiligverklaring versterkte zijn status als nationale held en patroonheilige van Noorwegen. Zijn leven en nalatenschap symboliseren de overgang van Noorwegen naar het christendom en de eenwording van het land. Zijn feestdag, Olsok, wordt jaarlijks op 29 juli gevierd en de Nidaroskathedraal in Trondheim is al sinds de middeleeuwen een bedevaartscentrum. Sint-Olafs erfenis leeft nog steeds voort in de Noorse cultuur en geschiedenis.
Daarvan getuigt ook Stiklestad Nationaal Cultureel Centrum. Hier staat de Slag bij Stiklestad centraal en de rol van Sint-Olaf in de geschiedenis van Noorwegen. Het terrein omvat historische gebouwen en een uitgebreid volksmuseum. De middeleeuwse Stiklestadkerk uit 1180 is vermoedelijk gebouwd naar aanleiding van de heiligverklaring door het Vaticaan. Daarnaast zijn er een amfitheater en een katholieke kapel, waar het verhaal van de middeleeuwen en Sint-Olaf levend wordt gehouden.

Meer over Sint-Olaf en de Vikingen?
Als je meer over Sint-Olaf en de Vikingen wil weten, zijn de volgende boeken wellicht een mooie introductie in het onderwerp. Tore Skeie besteedt uitgebreid aandacht aan het leven van Sint-Olaf en zijn lange weg naar de troon van Noorwegen. Neil Price heeft een sterk overzichtswerk ontwikkeld over het leven van de Vikingen in het algemeen. Ideaal als je geïnteresseerd bent in Vikingen, maar niet zo goed weet waar je moet beginnen. De nadruk ligt bij dit boek wat meer op de Vikingen voor de kerstening.
- Tore Skeie (2024), Wolventijd. De strijd om een Vikingrijk aan de Noordzee.
- Neil Price (2020), De Vikingen. Een Nieuwe geschiedenis.
- Podcast van een half uur over Olaf: The Scandinavian History Podcast.
Meer Scandinavische geschiedenis?
Op It’s Scandinavian lees je nog veel meer verhalen over geschiedenis in Scandinavië. Wat te denken van koningin Christina van Zweden. Christina is een van de kleurrijkste vorsten van Scandinavië. Ze was een groot pleitbezorger van kunst en cultuur, moest weinig van oorlogen hebben en tartte de traditionele genderrollen.
Hoe de Lotta Svärd-beweging Finse vrouwen mede emancipeerde en bijdroeg aan de toegang tot de arbeidsmarkt in de 1e helft van de 20e eeuw.
Hoe was het leven in Scandinavië tijdens het vikingtijdperk? De populaire geschiedenis vertelt ons namelijk vooral over de invallen in onze gebieden.
Het eten van Vikingen was opvallend divers en gebalanceerd. Zowel de landbouw als de natuur boden veel variatie en mogelijkheden.
